Ga naar de inhoud Ga naar de hoofdnavigatie

Foodblog

Biryani met kip

Wat betekent biryani? Biryani zegt eigenlijk vooral iets over de manier waarop het gerecht wordt gemaakt. De rijst wordt namelijk niet alleen apart gekookt, maar gaart verder samen met de kip en kruiden. Doordat de rijst tussen de kruiden stoomt, neemt deze veel smaak op. Dat vind ik zelf zo lekker aan biryani, je krijgt geen losse rijst naast je gerecht, maar de rijst steelt juist de show. Hoe voorkom je dat biryani droog wordt? Ik bak de kip nooit te lang en zorg dat er genoeg vocht in de pan zit voordat de rijst verder meestoomt. De tomaten en kokosmelk helpen ook hierbij. Biryani variaties Mijn favoriete variant heb ik voor jullie uitgewerkt in dit recept met kip, garam masala, kokosmelk, munt, amandelen en rozijnen. Maar biryani kun je op veel manieren maken. De basis bestaat uit rijst, kruiden en een vulling zoals kip. Daardoor kun je dit gerecht makkelijk aanpassen aan wat je lekker vindt of nog in huis hebt. Ik varieer meestal met deze ingrediënten: Vlees of vis: kip, lam, rundvlees, garnalen of witvis Vegetarisch: bloemkool, aardappel, doperwten, paprika, spinazie of kikkererwten Toppings: amandelen, rozijnen, koriander, munt of gebakken uitjes Extra smaakmakers: gebakken ui, knoflook, gember, rode peper, yoghurt, kokosmelk of tomaat Wil je de biryani wat frisser maken, dan is extra munt of koriander lekker. Voor een luxere variant kun je de kurkuma vervangen door saffraan. Laat dit eerst even weken in een eetlepel heet water voordat je het aan de kokosmelk toevoegt. Houd je van pittig eten? Bak dan een rode peper mee met de gember en knoflook Houd je van dit soort gerechten? Bekijk dan ook eens mijn rijst met kip recepten. Wat kun je eten bij biryani? Bij biryani vind ik iets fris het lekkerst, omdat het gerecht zelf al kruidig en vol van smaak is. Een frisse raita past hier bijvoorbeeld heel goed bij. Ook zelfgemaakt naanbrood is lekker om erbij te serveren. Daarmee kun je de kruidige saus en rijst goed opscheppen en dippen. Wil je er nog iets lichts naast zetten, dan is een frisse komkommersalade ook een goede aanvulling.

Bekijk blog

Souvlaki

Wat is souvlaki? Souvlaki zijn kleine Griekse spiesjes met gemarineerd vlees, kort gegrild boven hoog vuur. Het woord betekent letterlijk “spiesje” in het Grieks en je vindt ze op elke straathoek in Griekenland. Ze worden soms verward met gyros, maar dat is iets anders: gyros wordt op een draaispit geroosterd en vervolgens in dunne plakjes gesneden. De marinade is wat souvlaki zo herkenbaar maakt: olijfolie, citroensap, knoflook en flink wat oregano. Ik voeg er soms ook nog een snufje paprikapoeder bij, dat geeft een mooie warme kleur en wat extra smaak. Welk vlees gebruik je voor souvlaki? Traditioneel wordt souvlaki gemaakt van varkensvlees, meestal varkenshaas of varkensschouder. Kip is ook populair, en in sommige streken zie je lamsvlees. Ik gebruik zelf het liefst kippendijen omdat die mals blijven en de marinade goed opneemt. Na het marineren rijg ik de blokjes aan spiesjes en grill ze kort op de BBQ op hoog vuur. Ik draai ze een paar keer zodat ze rondom goudbruin worden, maar binnen sappig blijven. Geen BBQ in de buurt? Dan pak ik gewoon een grillpan of koekenpan. Verhit ‘m goed heet met een klein scheutje olie en bak de spiesjes in ongeveer 8 tot 10 minuten gaar. Door regelmatig te draaien krijgen ze ook in de pan een mooi bruin randje, en met een grillpan krijg je zelfs dat gegrilde streeppatroon dat aan de BBQ doet denken. Check altijd goed of de kip gaar is voordat je de souvlaki serveert. Wat is lekker bij souvlaki? Bij souvlaki hoort wat mij betreft altijd tzatziki en een warm broodje. Verder zet ik er meestal een Griekse salade bij voor wat frisheid, en pita’s of flatbread om mee te dippen. Wil je er een echte Griekse avond van maken? Kijk dan ook eens tussen mijn Griekse recepten voor meer inspiratie.

Bekijk blog

Zelf naanbrood maken

Zo maak je het lekkerste naanbrood Wat ik zo handig vind aan dit recept, is dat het deeg niet hoeft te rijzen. Door het zelfrijzend bakmeel wordt het brood tijdens het bakken vanzelf toch luchtig en zacht. Ook hoef je het deeg niet lang te kneden. Daarvoor houd ik zelf meestal ongeveer 3 minuten aan. Dan zijn alle ingrediënten goed gemengd en voelt het deeg soepel aan. Ik bestrooi mijn werkblad altijd met een beetje bakmeel, zodat ik het deeg makkelijk uit kan rollen. Het deeg mag best nog een beetje zacht aanvoelen, want dan wordt het naanbrood uiteindelijk ook lekker soepel. De broodjes bak ik een paar minuten per kant in een hete pan, zo blijven ze lekker zacht van binnen. Waar eet je naanbrood bij? Naanbrood is perfect als bijgerecht bij Indiase gerechten zoals curry’s, maar ik vind het ook erg lekker bij een kop soep of gewoon los met een frisse dip. Zelf eet ik het vaak zo: Bij een romige curry, zoals een butter chicken. Met een dip, zoals wat zelfgemaakte hummus. Naast een kom soep, zoals deze kruidige linzensoep. Wil je wat extra smaak aan je naanbrood geven? Voeg dan ook eens wat extra kruiden toe zoals basilicum, oregano, komijnzaad of knoflookpoeder. Zo kun je lekker variëren!

Bekijk blog

Sangria maken

Welk fruit gebruik je in sangria? Voor sangria gebruik ik stevig fruit dat zijn vorm houdt. Sinaasappel en citroen zijn voor mij de basis, appel en perzik maken de sangria wat zachter en zoeter. Ik snijd het fruit niet te klein, meestal in partjes of halve plakjes. Zo blijft het mooi in de kan en krijg je geen losse prut in je glas. Omdat de schil meegaat, was ik het fruit altijd goed en gebruik ik bij voorkeur biologisch. Bij rode sangria gebruik ik graag sinaasappel, appel en (verse) perzik als basis. Een kaneelstokje is ook lekker, maar haal die er na een paar uur uit zodat de smaak niet te sterk wordt. Bruiswater kun je vervangen door 7UP of Sprite, of ginger ale. Dan laat ik de suiker wel achterwege, anders wordt het te zoet. Of ga voor cava, maar let wel op dat de sangria dan wel meer alcohol bevat. Fruit voor in sangria: Sinaasappel Citroen Limoen Appel Perzik Nectarine Peer Druiven Aardbeien, pas op het laatst Frambozen, pas op het laatst Liever niet in sangria: Banaan, die wordt grijs en zacht Watermeloen, die maakt het snel waterig Kiwi, die valt snel uit elkaar Heel rijp fruit, dat wordt snel papperig Tip: maak het spaanse avondje compleet met garnalen in knoflook (gambas al ajillo) of andere Spaanse tapas. Sangria van tevoren maken: zo pak ik het aan Sangria kun je goed van tevoren maken, daar wordt hij juist lekkerder van. Ik meng de rode wijn met het fruit meestal een avond eerder en zet de kan afgedekt in de koelkast. Zo trekken de sinaasappel, appel en citroen rustig in de wijn. Snijd het fruit niet te klein, dan blijft het steviger en ziet de sangria er de volgende dag ook nog mooi uit. Het bruiswater doe ik er pas vlak voor het serveren bij. Dat heb ik ooit anders gedaan, maar toen was de sangria de volgende dag helemaal plat. Sindsdien maak ik alleen de basis alvast klaar. Zonder bruiswater blijft sangria ongeveer 2 dagen goed in de koelkast. Kies voor sangria een simpele, fruitige rode wijn met woorden als soepel, zacht of fruitig op het etiket en vermijd zware, houtgerijpte wijnen met veel tannines, want die smaken koud sneller stroef. Zelf pak ik meestal een eenvoudige Spaanse tempranillo of garnacha

Bekijk blog

Melanzane alla parmigiana

Wat is melanzane parmigiana precies? Melanzane betekent aubergine in het Italiaans en deze ovenschotel bestaat uit laagjes aubergine, tomatensaus en kaas. Je komt het ook tegen als parmigiana di melanzane of melanzane alla parmigiana. Origineel wordt de aubergine ook soms gepaneerd en/of gefrituurd, maar ik bak of grill hem liever in een pan. Dan blijven de aubergines stevig en iets minder vet. Daardoor blijft de saus mooi tussen de laagjes zitten en kun je er straks fijne stukken uit scheppen. Tip: wil je een kleinere versie maken, dan is deze mini melanzane parmigiana ook leuk om te proberen. Wat eet je bij melanzane parmigiana? Omdat melanzane parmigiana al vrij vullend is, houd ik de rest meestal simpel. Een frisse salade en wat brood erbij zijn vaak al genoeg. Als ik er een uitgebreidere maaltijd van maak, serveer ik er soms pasta of gnocchi naast. Wat ik er graag bij serveer: Ciabatta of focaccia: lekker om de laatste tomatensaus mee uit de schaal te halen. Een frisse Italiaanse salade: bijvoorbeeld met rucola, komkommer of tomaat, zodat het gerecht wat lichter en frisser wordt. Pasta of gnocchi: fijn als je er een vollere maaltijd van wilt maken. Gegrilde kip: handig als je er toch iets extra’s met vlees bij wilt serveren. Heb je nog aubergine over, maak dan ook eens deze pasta met aubergine. Voor iets pittigers past orzo arrabbiata er ook goed bij.

Bekijk blog

Kapsalon maken

Krokante en frisse kapsalon maken Wat ik belangrijk vind bij een kapsalon is dat de frietjes lekker krokant blijven en niet slap worden. Ik zorg daarom altijd dat ik de frietjes eerst echt goed krokant bak, voordat ik de shoarma en kaas erbij doe. Daarna doe ik het geheel nog even kort in de oven, zodat de kaas smelt maar de friet niet te zacht wordt. De sla, komkommer en tomaat voeg ik pas vlak voor het serveren toe. Daardoor bijven de groenten lekker fris en dat gaat juist zo lekker samen met de kruidige shoarma en gesmolten kaas. Tip: bij deze kapsalon maak ik altijd deze heerlijke zelfgemaakte knoflooksaus. Makkelijk variëren Met een kapsalon kun je eindeloos variëren. En dat doe ik zelf ook heel graag! Zo vervang ik bijvoorbeeld soms de shoarma voor ander vlees of een vegetarische variant, of vervang ik de frietjes voor zoete aardappel frietjes. Maar wat ook leuk is, is om een totaal andere variant te maken: Maak eens een gezonde kapsalon, voor een wat lichtere variant met kip. Ga voor een Mexicaanse kapsalon met extra kruiden en toppings Ook een kapsalon pulled chicken is erg lekker en geeft ook weer een hele andere smaak. Voor een vegetarische gebruik ik meestal vega shoarma. En als je helemaal plantaardig eet kun je ook dit recept volgen voor een volledig vegan kapsalon. Als je shoarma en salade over hebt, kun je nog een lekker broodje shoarma maken.

Bekijk blog

Shoarma salade

Gezonde(re) shoarma met salade en groenten Een broodje shoarma wordt vaak gezien als fastfood en niet bepaald gezond. Door de shoarma als basis te gebruiken voor een salade krijg je veel meer groenten op je bord en bepaal je zelf wat er in de saus zit. Mijn yoghurtsaus met munt en knoflook is veel lichter dan de kant-en-klare knoflooksaus, en met baby romaine, paprika, komkommer en cherrytomaatjes zit je qua groenten meteen goed. Ik eet deze shoarma salade soms zonder brood erbij, maar als ik hem wat vullender wil serveer ik er zelfgemaakte flatbread bij. Ook lekker met een lik hummus er op. Tip: probeer ook eens mijn shoarma bowl.  Je kunt ook zelf kipfilet, varkenslapjes of vega stukjes in dunne reepjes snijden en kruiden met een mix van komijn, paprikapoeder, kurkuma, koriander, kaneel en een snuf cayenne. Tips voor de lekkerste salade met shoarma Een paar dingen waar ik op let als ik deze salade met shoarma maak: Houd je niet van een scherpe rode ui? Gebruik dan ingelegde rode ui of vervang hem door bosui, die is wat milder. Je kunt ook zelf kip of varkensvlees in dunne reepjes snijden en zelf kruiden met shoarmakruiden. Net zo lekker en je weet precies wat erin zit. Zelf gebruik ik vaak vega shoarma. Die werkt prima in deze salade en je proeft het verschil bijna niet.  Extra groenten erbij doen is altijd goed: avocado, gebakken champignons, kikkererwten of verse fijngesneden rode kool passen er allemaal goed bij. De yoghurtsaus kun je iets dunner maken door er een scheutje water doorheen te roeren.  Wil je deze shoarma salade glutenvrij en/of koolhydraatarm maken, gebruik dan geen brood er bij en check het shoarmavlees goed.

Bekijk blog

Aardbeien tiramisu

Zomerse aardbeien tiramisu recept Deze zomerse aardbeien tiramisu is handig voor etentjes, omdat de koelkast eigenlijk het meeste werk doet. En met verse aardbeien en wat munt ziet het er meteen gezellig uit, zonder dat je er lang mee bezig bent. De combinatie van aardbei en sinaasappel vind ik vooral fijn na een zomerse maaltijd of BBQ. Voor dit aardbeien tiramisu recept gebruik ik mascarpone met slagroom, maar je zou de mascarpone ook kunnen vervangen door roomkaas. Mascarpone maakt het wat voller, roomkaas geeft juist een frissere smaak. Heb je zin in een klassieke versie of zijn aardbeien niet in het seizoen, dan maak ik ook graag mijn basisrecept voor tiramisu. Aardbeien tiramisu met of zonder alcohol Deze aardbeien tiramisu maak ik meestal zonder alcohol, zodat iedereen mee kan eten. Wil je hem toch iets meer pit geven, vervang dan een deel van het sinaasappelsap door een scheutje limoncello of Licor 43. Niet te veel, want anders overheerst dit de aardbeien. Ik dip de lange vingers maar heel kort in sinaasappelsap, anders worden ze te slap en zakt de tiramisu sneller in of wordt hij te nat. Als ik aardbeien over heb, maak ik soms ook snelle aardbeien mousse. En voor een frissere tiramisu-variant is citroen tiramisu met limoncello ook lekker. Met alcohol: meng 3 eetlepels limoncello of Licor 43 door het sinaasappelsap. Lichter maken: vervang 150 gr mascarpone door Griekse yoghurt, dan wordt de vulling frisser maar iets minder stevig. Ander fruit: frambozen of blauwe bessen zijn ook lekker in combinatie met aardbeien Munt: scheur de blaadjes pas vlak voor het serveren, dan blijven ze lekker fris ruiken.

Bekijk blog

Libanees brood met groenten

Wat is Libanees brood? Libanees brood is een dun en zacht platbrood dat je kunt vullen, beleggen of gebruiken om mee te dippen. Ik gebruik het in dit recept als basis voor een soort vegetarisch flatbread met groenten. Doordat het brood zacht en soepel is, kun je het open serveren op een bord, dubbelvouwen of oprollen als wrap. Ik koop Libanees brood meestal kant-en-klaar in de supermarkt of bij een Turkse of Midden-Oosterse winkel. Zelf vind ik dat ideaal, want zo zet je zonder veel moeite iets op tafel dat toch net wat specialer voelt dan een gewone wrap. Wil je liever zelf de basis maken? Bekijk dan mijn recept voor flatbread. Kleurrijke lunch of borrel Ik ben echt dol op de Libanese keuken. Het ziet er namelijk vaak uit als een feestje op tafel, met veel kleur, kruiden en kleine gerechtjes om te delen. Je kunt het brood namelijk ook in stukken snijden en serveren bij een borrel of mezze-tafel. Serveer de onderdelen dan los op tafel: het Libanees brood, de groenten, de saus en eventueel wat extra gerechtjes erbij. Denk bijvoorbeeld aan zelfgemaakte hummus, falafel of serveer er een schaaltje baba ganoush bij. Zo heb je meteen een tafel vol kleine hapjes waar iedereen van kan pakken. Variatietip Je kunt dit Libanees brood heel makkelijk aanpassen aan wat je nog in huis hebt. Vervang de groenten bijvoorbeeld door geroosterde wortel, champignons, rode ui of tomaat. Wil je wat extra eiwitten toevoegen, dan is falafel, kip of feta er ook lekker bij. Liever vegan? Gebruik dan plantaardige yoghurt of hummus als romige basis. Wil je nog meer maken in deze stijl? Bekijk dan ook mijn flatbread met shoarma.

Bekijk blog

Galette met groene asperges

Serveertips en variaties De reden waarom ik zo’n fan ben van galette, is dat je er eigenlijk van kunt maken wat je wilt. Een galette kan namelijk zoet of hartig zijn en daardoor kun je elke keer weer een nieuwe variant maken. Vervang de groene asperges bijvoorbeeld door courgette, tomaat, spinazie, prei of champignons (of wat je nog in huis hebt liggen). Ook lekker met zachte geitenkaas in plaats van ricotta. Heb je wat meer inspiratie nodig? Bekijk dan eens mijn hartige galette met aubergine. Wil je liever een zoete galette maken, dan kun je het deeg vullen met bijvoorbeeld appel, aardbeien, perzik of blauwe bessen. Mijn mini galette met aardbeien is daar een leuke variant van. In dit recept maak ik de bodem zelf, maar je kunt ook quichedeeg gebruiken als snelle variant. Deze galette serveer ik graag met een frisse rucola salade met tomaatjes erbij. Samen met de salade is dit recept voldoende voor 4 personen als lunch of lichte maaltijd. Hoe voorkom je een zompige bodem? Niets is vervelender dan een zompige bodem, want juist die krokante bodem maakt een galette zo lekker. Ik let er daarom op dat de vulling niet te nat is en laat rondom genoeg deeg vrij om de randen mooi naar binnen te vouwen. Breekt je deeg bij het uitrollen? Geen probleem, dat gebeurt mij ook weleens. Snijd dan een stukje deeg af waar je wat over hebt en plak het op de plek waar je wat extra deeg kunt gebruiken. Het hoeft allemaal niet perfect te zijn, dat maakt een galette juist zo leuk om te maken. Ook helpt het om de galette op een goed voorverwarmde bakplaat te bakken, zodat de bodem sneller krokant wordt. Laat de galette ongeveer 5 minuten afkoelen voor het serveren. Heb je nog een stukje over? Dan kun je de galette 2 dagen in de koelkast bewaren. Op zoek naar nog meer hartige taartrecepten? Bekijk dan ook mijn quiche recepten.

Bekijk blog

Pizzadeeg maken

Luchtig pizzadeeg Voor het pizzadeeg is het belangrijk dat het lekker luchtig en soepel wordt. Daarom kneed ik het deeg altijd goed door, totdat het helemaal niet meer plakt en mooi elastisch is. Dat is belangrijk zodat het deeg beter kan rijzen en minder snel scheurt bij het uitrollen. Na het kneden is het belangrijk dat het deeg goed kan rijzen. Ik doe dan het deeg in een kom en dek deze af met een vochtige theedoek. Ik zet het vervolgens op een warme plek, zoals in de buurt van de verwarming of in de oven op 30 graden. Maar als ik meer tijd heb zet ik het deeg vaak een hele nacht in de koelkast om te rijzen, dat geeft het allerbeste resultaat en zorgt voor een extra luchtige structuur. Uitrollen en krokant bakken Nadat het pizzadeeg is gerezen, kneed ik het altijd nog eens goed door en laat ik het 10 minuten rusten onder een theedoek. Ik heb gemerkt dat sinds ik dit doe, het deeg veel soepeler wordt en makkelijker uit te rollen is omdat het minder terugveert. Om de pizza extra krokant te maken, zorg ik altijd dat de oven goed heet is voordat de pizza erin gaat. Ook bestrijk ik de randen met een dun laagje olijfolie. Na het bakken bestrijk ik ook vaak de randen met wat olijfolie en knoflook, dat maakt de korst nog veel lekkerder! Met dit pizzadeeg kun je alle kanten op. Maak bijvoorbeeld een klassieke pizza margherita. Zelf maak ik ook vaak mijn persoonlijke favoriet: pizza funghi. Of bekijk voor nog veel meer inspiratie hier nog meer van mijn pizza recepten. Wil je eens een extra dunne en krokante bodem? Maak dan ook eens een keer flammkuchen deeg.

Bekijk blog

Courgette rolletjes ovenschotel met tomatensaus

Courgette rolletjes in tomatensaus Deze ovenschotel ziet er superleuk uit maar is niet veel werk. De tomatensaus hoef je namelijk niet nog apart te maken. Ik gebruik de nieuwe Heinz Tomato Frito Blokjes als basis. Dit is de vertrouwde Tomato Frito van een gladde tomatensaus gecombineerd met kleine stukjes tomaat. Alleen tomatenblokjes vind ik te grof tussen de courgetterolletjes, terwijl alleen een gladde saus al snel wat vlak wordt. Deze combinatie geeft precies genoeg structuur en bite. En omdat de saus al lekker van smaak is hoef je niet nog apart de saus voor te bereiden. Dat scheelt weer een stap. De vulling maak ik van ricotta, eitje, fijngesneden gedroogde tomaatjes, kruidenpaneermeel, geraspte kaas en gehakt. Dat smeer je op een plak courgette, oprollen, in de saus leggen en kaas erover. Daarna doet de oven het werk. De courgette snijd ik in dunne plakken met een mandoline of kaasschaaf, dan kun je ze makkelijk oprollen en blijven ze mooi stevig in de schaal. Variatie tips Ik maakte dit recept voor Eric en mij, maar je kunt het recept ook makkelijk verdubbelen naar 4 personen. Ingrediënten maal twee, oventijd blijft hetzelfde, alleen pak je dan een grotere ovenschaal. Een paar tips om mee te variëren: Geen kruidenpaneermeel in huis? Gebruik dan gewone paneermeel met een theelepel Italiaanse kruiden en een snufje peper en zout. Werkt ook prima. Ik gebruikte vegetarisch gehakt in dit recept, maar h.o.h. gehakt of kipgehakt kan ook. Of vervang het gehakt eens door linzen voor extra vezels. Voor een glutenvrij recept hoef je alleen het paneermeel te vervangen door een glutenvrije variant of verkruimel wat glutenvrij getoast brood. Deze ovenschotel met courgetterolletjes is een vrij licht gerecht, heb je veel trek of wil je er extra koolhydraten aan toe voegen dan is deze krokante gnocchi erg lekker. Of maak deze simpele orzo salade er bij, dat is lekker fris naast de courgetterolletjes. Dit artikel is tot stand gekomen in samenwerking met Heinz.

Bekijk blog

Babi ketjap

Wat is babi ketjap? Babi betekent varken; ketjap staat voor de zoete sojasaus die de basis van dit gerecht vormt. Het komt uit de Indonesische keuken en wordt traditioneel gemaakt met varkensvlees dat langzaam stooft in ketjap samen met ui, knoflook en gember. In mijn versie van babi ketjap voeg ik ook komijn, gemalen koriander en peterselie toe; dat geeft net wat meer warmte aan het gerecht. De saus is de basis: zoet door de ketjap, tikje zurig door de tamarinde en limoen, en pittig door de rode peper. Een perfecte balans dus! Een paar dingen die ik in de loop der jaren heb geleerd: Verse gember maakt echt verschil. Uit een potje smaakt het wat vlakker en dan mis je de pit die deze saus juist zo lekker maakt. Probeer het ook eens met kippendijen in plaats van varkensvlees. Dit blijft sappig en neemt de saus mooi op. Babi ketjap blijft in een afgesloten bakje in de koelkast twee dagen goed. De volgende dag is de smaak vaak nog lekkerder, omdat het vlees alle saus heeft kunnen opnemen. Wordt de saus niet dik? Voeg dan een theelepel maizena toe gemengd met een klein beetje water. Zo dikt de saus sneller in. Wat is lekker bij babi ketjap Babi ketjap eet je niet zomaar; je serveert het met iets erbij. Bij ons staat er meestal een bord witte rijst naast, want die neemt de saus mooi op. Soms maak ik er ook boontjes sjaoer bij, of zet ik er een schaaltje gado gado met pindasaus naast. Een schep nasi goreng past er ook prima bij als je wat meer op tafel wilt. En vergeet de kroepoek niet, want die geeft een lekkere crunch bij het gerecht. Of garneer de babi ketjap met wat gebakken uitjes.

Bekijk blog

Pastel de nata

Populair Portugees gebakje met room Een pastel de nata betekent letterlijk “roomtaartje”, waarbij ‘nata’ verwijst naar room of slagroom. Ze worden ook wel pastéis de Belém genoemd, vernoemd naar de wijk Belém in Lissabon waar ze oorspronkelijk vandaan komen. Daar worden ze volgens een geheim recept nog steeds vers gebakken. Het zijn kleine taartjes van dun, knapperig bladerdeeg met een zachte custardvulling. Wat ik er zo lekker aan vind, is de combinatie: als je een hap neemt hoor je eerst dat krokante randje breken en daarna proef je die warme, romige vulling. De smaak is voor mij meteen herkenbaar. Je proeft een lichte zoetheid met een vleugje citoen en kaneel. Het doet me ook wel een beetje denken aan crème brûlée. Je kunt pastel de nata koud eten, maar als je ze nog een beetje warm serveert, zijn ze op hun best. Hoe maak je pastéis de nata? Pastel de nata maak je in de basis door een custard te koken van melk, bloem, suiker en eidooiers en die in bladerdeegbakjes te bakken op hoge temperatuur. Dat klinkt simpel, maar de volgorde en hitte maken echt het verschil. Roer niet in de suikersiroop, anders wordt deze korrelig. Begin met een klein beetje melk bij de bloem om klontjes te voorkomen. Zijn er toch klontjes in de roomvulling ontstaan? Haal het mengsel dan door een zeef. Je kunt ook de bladerdeeg rolletjes uitrollen met een roller en dan in de muffinvormpjes doen. Een extra handeling maar wel met gelijkmatig resultaat. Heb je de smaak te pakken, maak dan ook eens deze Portugese bolo de bolacha. En ga je naar Lissabon, kijk dan zeker even bij Sandra’s 5 hotspots in Lissabon.

Bekijk blog

Courgettesoep

Recept voor verse courgettesoep Deze verse courgettesoep maak ik graag in de zomer, als courgettes volop verkrijgbaar zijn en ze extra lekker zijn, zo van mei t/m september. Courgette is perfect om te pureren en geeft een romige resultaat, perfect voor soep dus. Maar courgette heeft van zichzelf niet heel veel pit, daarom begin ik met ui en knoflook in olijfolie te bakken. Daarna bak ik de blokjes courgette kort mee, hierdoor krijgen ze extra smaak. Heb je courgette over? Dan is deze verzameling met courgette recepten handig om ideeën uit te halen. Maar zelf maak ik vaak een extra portie courgettesoep, zodat ik deze kan invriezen. Hoe maak je de lekkerste courgettesoep Ik houd zelf van een wat dikkere en romige soep, maar dat kun je makkelijk aanpassen met de hoeveelheid water. Ik voeg liever eerst iets minder water toe, want extra water erbij schenken kan altijd nog. Is de soep na het pureren te dik, roer er dan een scheutje warm water door tot hij de juiste dikte heeft. Wil je de courgettesoep wat lichter maken, gebruik dan iets minder room of kies voor light room. Zelf gebruik ik ook vaak plantaardige room (zoals soja of haverroom) voor een vegan recept (mits de bouillon ook vegan is). Tips om courgettesoep extra smaak te geven:   Vervang de munt ook eens door bieslook of peterselie voor een fris maar kruidig effect Voeg zalmsnippers toe vlak voor het serveren voor een extra vullende en luxe soep Garneer de soep met wat gebakken spekjes voor een hartige smaak Bestrooi de soep voor het serveren met wat croutons en geraspte Parmezaanse kaas Lekker erbij is een sneetje zuurdesembrood. Maak ook eens een combinatie van courgette met paprika met deze paprika courgettesoep.

Bekijk blog

Italiaanse plaattaart

Knapperige plaattaart met courgette, pesto mozzarella Wat deze Italiaanse plaattaart extra lekker maakt, is dat ik de pesto (zelfgemaakte pesto of uit een potje of bakje) en ricotta eerst met elkaar meng en dat als romige basis op het bladerdeeg smeer. In de supermarkt was de rol vers bladerdeeg op, dus ik heb zes ontdooide plakjes uit de diepvries tegen elkaar aan gelegd en goed dichtgedrukt tot één grote lap. Dat werkt ook goed! Prik gaatjes in het midden met een vork en vouw de randjes om voor een krokant korstje. Plaattaart, altijd een goed idee Deze Italiaanse plaattaart is ideaal als avondmaal met bijvoorbeeld een simpele tomatensoep. Maar ook op een feestje doet hij het goed in kleine stukjes. Ik vind het leuk om te variëren met een plaattaart. Kijk daarom ook eens tussen mijn andere plaattaart recepten. Een paar variaties: Ik eet geen ham, maar je kunt er prosciutto op leggen na het bakken voor een versie met vlees. Geen verse tomaatjes in huis? Gedroogde tomaatjes geven juist een wat intensere smaak vind ik. Wil je de plaattaart nog iets luxer maken, laat dan de mozzarella achterwege en verdeel er, na het bakken, burrata over en vervolgens de rucola.

Bekijk blog

Crema catalana

Het verschil met crème brûlée Crema catalana en crème brûlée lijken veel op elkaar, omdat ze allebei bestaan uit een romige custard met een gebrand suikerlaagje. Toch zit er een duidelijk verschil in de smaak en bereiding. Dit Spaanse dessert komt uit Catalonië en wordt meestal op het vuur bereid. De basis bestaat uit melk, eidooiers en suiker, vaak op smaak gebracht met citrus en kaneel. Crème brûlée is een Franse dessertklassieker en wordt meestal gemaakt met slagroom. Deze wordt vaak in de oven gegaard in een waterbad, waardoor de structuur iets voller en rijker wordt. Zelf vind ik de Spaanse variant wat lichter en frisser van smaak, vooral door de citroenschil. Ben je net als ik dol op toetjes? Bekijk dan ook mijn andere nagerechten voor nog meer lekkere inspiratie. Zo krijg je een gladde custard Voor de lekkerste custard verwarm ik de melk rustig met de kaneel en citrus (je kan ook eens afwisselen met sinaasappelschil), zodat de smaken goed kunnen intrekken. Ik zet het vuur liever iets lager en neem hier even de tijd voor, want juist daardoor krijgt de crème die lekkere volle smaak. Laat de melk niet hard koken, want dan kan de smaak te zwaar worden en krijg je sneller velvorming. Ook is het belangrijk om rustig te blijven roeren, zodat de custard mooi bindt zonder klontjes. Ik haal de pan van het vuur zodra de crème dikker wordt en mooi aan de lepel blijft hangen. Daarna laat ik de schaaltjes goed afkoelen in de koelkast. Het karamellaagje branden Het karamellaagje maak ik pas vlak voor het serveren, anders wordt het weer zacht. Strooi een dun, gelijkmatig laagje suiker over de crème en brand dit kort met een crème brûlée brander tot het mooi goudbruin en krokant is. Houd de brander niet te lang op één plek, maar beweeg rustig heen en weer. Zo smelt de suiker gelijkmatig en krijg je dat lekkere krokante laagje. Wil je de Spaanse thema-avond helemaal compleet maken? Bekijk dan ook mijn 20 x tapas recepten of laat je inspireren door mijn Spaanse recepten.

Bekijk blog

Surinaamse bami

Zo maak je de lekkerste Surinaamse bami Wist je al dat Surinaamse bami met spaghetti wordt gemaakt in plaats van noedels? Dat geeft dit gerecht juist die typische structuur en smaak, omdat spaghetti lekker stevig blijft tijdens het wokken en de kruiden goed opneemt. Belangrijk in dit recept is dat de spaghetti mooi los blijft, daarom spoel ik altijd na het koken de spaghetti af met koud water. Ik heb gemerkt dat hij daardoor veel minder plakkerig wordt en zich beter roerbakt in de pan. Ook belangrijk bij dit gerecht is de juiste balans tussen ketjap, sambal en de kruiden. Ik voeg vaak eerst iets minder sambal toe en blijf tussendoor goed proeven. Zo blijven de smaken goed in balans en wordt de bami nooit te pittig. Lekker combineren en variëren Bij Surinaamse bami serveer ik graag iets hartigs en iets fris. Traditioneel wordt deze bami vaak geserveerd met andere gerechten zoals deze heerlijke kipsaté. Maar ik maak zelf ook vaak deze tempeh saté spiesjes erbij voor een vegetarische variant. En Satésaus past er natuurlijk ook perfect bij, want dat maakt het gerecht nog wat voller en romiger. Frisse bijgerechten passen ook goed bij deze bami, omdat dit goed samen gaat met de kruidige smaken. Daarom serveer ik dit gerecht ook vaak met zoetzure komkommer.

Bekijk blog

Flammkuchen deeg

Zelf flammkuchen deeg maken Flammkuchen deeg maken is helemaal niet moeilijk, maar het is wel belangrijk dat je het deeg goed kneedt en dun genoeg uitrolt. Ik gebruik zelf meestal gewone tarwebloem of patentbloem, dat werkt prima voor een krokante bodem. Na het rijzen rol ik het deeg direct uit op bakpapier, zodat ik het makkelijk op de bakplaat kan schuiven. Probeer het deeg zo dun mogelijk uit te rollen, want juist daardoor krijg je die lekkere knapperige flammkuchen bodem. Vind je het leuk om vaker zelf deeg te maken? Dan zijn mijn recepten voor pizzadeeg of focaccia ook leuk om eens te proberen. Lekkere toppings en variaties De klassieke flammkuchen met spekjes en ui blijft altijd lekker, maar je kunt er makkelijk mee variëren. Denk bijvoorbeeld aan flammkuchen met zalm. Of probeer eens deze vegetarische flammkuchen met champignons. Zelf breng ik de crème fraîche soms eerst op smaak met wat peper, kruiden of pesto. Gebruik niet te veel toppings tegelijk, dan blijft de bodem lekker dun en krokant. Meer inspiratie vind je in mijn overzicht met 5 x flammkuchen. Ook vegetarische flammkuchen is makkelijk te maken. Beleg de bodem bijvoorbeeld met crème fraîche, gegrilde groenten en een lekkere kaas zoals geitenkaas, halloumi of burrata. Ingrediënten zoals rucola, verse kruiden, burrata of gerookte zalm voeg ik meestal pas na het bakken toe. Zo blijven ze fris en wordt de bodem niet te nat. Wil je nog meer ideeën voor dit soort makkelijke ovenrecepten? Kijk dan ook eens naar mijn plaattaart met gegrilde groenten en geitenkaas.

Bekijk blog

Pico de gallo

Wat is pico de gallo? Pico de gallo, ook wel “salsa fresca”, genoemd, is een verse Mexicaanse salsa van rauwe tomaat, ui, koriander en limoen. In Mexico wordt het vaak geserveerd bij taco’s, burrito’s of gegrild vlees. Zelf schep ik het ook graag op een wrap of eet ik het gewoon met tortilla chips als snelle snack. Het is belangrijk dat je rijpe en stevige tomaten gebruikt, zoals romatomaten of trostomaten. Ik maakte het de eerste keer met waterige tomaten maar dat werd al snel een papje in de kom. Sinds ik de juiste tomaten gebruik en het natte binnenste deels verwijder, blijft het veel smaakvoller en frisser. Hoe maak je zelf pico de gallo? De smaak van pico de gallo moet kloppen: fris zuur van limoen, een pit van de peper, licht zoet van tomaat en een snuf zout die alles naar voren haalt. Soms voeg ik wat avocado toe voor een zachtere variant, een beetje richting guacamole. Of maak een zoetere variant op salsa met mango. Mijn tips: Ik gebruik roma tomaten omdat die steviger zijn en minder vocht bevatten De jalapeño proef ik altijd even, hier zit namelijk veel verschil in. En ik verwijder standaard de zaadjes, zo houd ik de pittigheid beter onder controle. Liever niet pittig, vervang de jalapeño peper dan door een halve groene paprika. Ik snijd alles goed klein, vooral de ui, zodat je in elke hap een goede balans hebt. Maak het al een dag van tevoren, bewaar in de koelkast en laat alle smaken goed intrekken. Serveer de pico de gallo als lekkere frisse salsa bij mijn andere Mexciaanse gerechten.

Bekijk blog

Zuurdesembrood maken

Zuurdesem starter maken Een actieve zuurdesem starter is de basis van dit zuurdesembrood. Het is niets meer dan bloem en water, maar door het dagelijks te voeden ontstaan er natuurlijke gisten die het deeg laten rijzen. Hierdoor krijg je ook die typische en heerlijke smaak en structuur van zuurdesembrood. Ik begin meestal met 50 gram tarwebloem en 50 ml water te mengen in een glazen pot. Dit laat ik op kamertemperatuur staan met een doek erover of een losse deksel, het liefst tussen de 20 en 25 graden. De eerste dagen gebeurt er weinig, maar vanaf dag 3 zie je vaak de eerste belletjes. Daarna voed ik hem elke dag (het liefst op dezelfde tijd): gooi ongeveer de helft weg. Voeg weer 50 gr bloem en 50 ml water toe. Na ongeveer 5 tot 7 dagen is mijn starter meestal klaar, maar soms kan het ook langer duren. Je herkent dat aan: veel kleine belletjes een frisse, lichtzure geur hij verdubbelt in volume en zakt daarna weer iets in Ik gebruik mijn starter het liefst op het moment dat hij net zijn hoogste punt heeft bereikt. Dan is hij het krachtigst en rijst mijn zuurdesembrood het mooist. Zie je schimmel of ruikt de starter muf, dan is hij waarschijnlijk bedorven en kun je het beste op nieuw beginnen. Af en toe de pot schoonmaken na het voeren kan helpen dit te voorkomen. Ik bewaar de starter in de koelkast als ik niet bak. Dan voer ik hem 1 keer per week met dezelfde verhouding. Ga ik weer bakken, dan haal ik hem eruit, voer hem en wacht tot hij weer actief is. Een koude of net gevoede starter werkt bij mij altijd minder goed. Tip: geen zin of tijd om een starter te maken, dan kun je ook een starter voor zuurdesem kopen in gedroogde vorm kopen en deze activeren. Vers gebakken zuurdesembrood recept Na het mengen van de ingrediënten ga je het deeg vouwen, je kneed dus nauwelijks. Als je net begint met zuurdesem, kom je al snel termen tegen zoals stretch & fold en coil fold. Klinkt technisch, maar het zijn eigenlijk hele simpele handelingen die ervoor zorgen dat je deeg sterker wordt zonder dat je het zwaar hoeft te kneden. Ik gebruik stretch & fold in het begin en eindig met een coil fold, tussendoor laat ik het deeg rusten. Sindsdien wordt mijn deeg mooier en luchtiger. Stretch & fold Een stretch & fold is de basis. Zo werkt het: Maak je handen een beetje nat. Pak een rand van het deeg. Trek het voorzichtig omhoog (stretch). Vouw het over de rest van het deeg (fold). Draai de kom een kwartslag en herhaal dit rondom. Je doet dit meestal 3–4 keer per ronde. Het deeg wordt elke keer iets steviger en minder plakkerig. Coil fold Een coil fold is een iets zachtere techniek en vooral handig bij natter deeg. Zo werkt het: Maak je handen nat en schuif ze onder het midden van het deeg. Til het deeg in één beweging omhoog. Laat de zijkanten vanzelf onder het deeg vouwen. Draai de kom en herhaal eventueel nog een keer. Het deeg “rolt” als het ware onder zichzelf, vandaar de naam coil (spiraal). Ik doe dit zelf altijd bij de laatste set zodat het deeg mooi bol kan worden. Rijzen Na het vouwen laat je het deeg rijzen. Het is lastig om hier een exacte tijd aan te hangen. In de zomer is mijn deeg soms al na 4 uur klaar, terwijl het in de winter makkelijk 6 tot 7 uur duurt. Daarom kijk ik nooit alleen naar de klok, maar let ik altijd op deze signalen van het deeg. het deeg is 1,5 tot 2 keer zo groot je ziet kleine luchtbelletjes het voelt luchtig en een beetje wiebelig het deeg voelt minder nat aan De poke test gebruik ik vaak als extra check: druk zacht met je vinger in het deeg. Veert het langzaam terug, dan zit je goed. Schiet het meteen terug, dan moet het nog rijzen. Blijft het putje staan, dan is het te ver. Heb ik brood over, dan maak ik er vaak wentelteefjes van. Wil je iets eenvoudigers zonder starter, bekijk dan hier mijn basisrecept om brood te bakken. 

Bekijk blog

Lente traybake met groene asperges

Groene asperges, krieltjes en broccoli uit de oven Voor deze traybake gebruikte ik de nieuwe Verstegen Wereld Kruiden Mix Traybake groenten. Deze kruidenmix bevat geen zout, is 100% natuurlijk en bevat super veel smaak. Veel meer heeft deze traybake daarom ook niet nodig.  Ik gebruik zelf vaak de kruidenmixen van Verstegen, omdat die voor mij precies goed in balans zijn en je de kwaliteit terug proeft in het gerecht. Ik snijd de krieltjes in gelijke stukken van ongeveer 4 cm en laat de schil er gewoon omheen. Dat geeft net wat meer bite. De krieltjes meng ik met een beetje olie en de Verstegen Traybake kruidenmix. Je kunt zelf nog een snuf zout toevoegen naar smaak of weglaten voor een zoutarm gerecht. De aardappeltjes bak ik alvast 15 minuten in de oven zodat ze alvast garen en een licht krokant randje krijgen. Daarna meng ik ook de broccoli en asperges met de kruiden en olie, dit gaat bij de aardappeltjes en bak je het geheel nog eens 20 minuutjes. Zo krijg je een mooi geroosterde, kruidige traybake die je alleen nog hoeft af te maken met de toppings. Smaakvolle lente traybake Deze lente traybake houd ik zelf vegetarisch, maar variëren kan makkelijk: Voeg stukjes rauwe kippendij toe tussen de krieltjes, check wel goed of de kip gaar is voor het serveren. Leg na het bakken wat plakjes Parmaham over de groenten Vervang de broccoli eens door plakjes courgette of reepjes paprika Pocheer de eieren in plaats van ze hard te koken, dan blijft de dooier lekker zacht. De eerste keer strooide ik de Parmezaanse kaas al voor het bakken erover, dit was ook lekker, zeker als je van een krokant kaaskorstje houdt. Maar toch vind ik achteraf de kaas toevoegen als topping net iets lekkerder omdat je de kaas dan iets beter terug proeft. Dit artikel is tot stand gekomen in samenwerking met Verstegen.

Bekijk blog

Pasta alfredo

Pasta alfredo met kip Wat dit gerecht zo lekker maakt is de combinatie van de romige saus met de goudbruin gebakken kip. Ik bak de kip altijd eerst goudbruin en zet hem daarna opzij. Ik voeg deze pas op het einde weer toe, zodat hij niet droog wordt en ook niet te zacht wordt in de saus. Tip: In plaats van kip gebruik zelf ook vaak vega kipstukjes, dat gaat ook heel goed in dit recept. Zo krijg je een heerlijke romige saus De saus maakt dit gerecht echt af. En het fijne is dat je hem ook erg gemakkelijk kunt maken. Door het combineren van boter, Parmezaanse kaas en een scheutje kookvocht krijg je vanzelf die heerlijke gebonden saus. Er is dus helemaal geen room voor nodig. Ik let er wel altijd op dat dat de pan niet te heet is wanneer ik de kaas toevoeg. Ik heb namelijk gemerkt dat de saus anders kan gaan klonteren. Voor een extra portie groenten serveer ik de pasta alfredo vaak met gestoomde broccoli of erwtjes. Ook is hij erg lekker met een frisse salade, zoals deze rucolasalade. Probeer ook eens deze pasta met zalm, voor een wat lichtere variant. Of bekijk hier nog veel meer van mijn favoriete pasta recepten.

Bekijk blog

Pad thai

Maak thuis zelf pad thai met dit recept Pad thai is eigenlijk vrij simpel: rijstnoedels met een smaakvolle saus, wat kip, groente en het is klaar. De saus is het belangrijkste onderdeel van het gerecht en is zoet van de bruine suiker, zuur van de limoen en tamarinde, en de vissaus maakt hem iets zoutig. Pindakaas zit niet altijd standaard in pad thai saus maar maakt hem extra romig en lekker, geloof mij! In mijn recept heb ik ook rekening gehouden dat je niet perse naar de toko hoeft, bij een grote supermarkt haal je meestal alle ingrediënten voor deze pad thai. Als je fan bent van Thaise recepten, check eens deze 10 x Thaise recepten . Of probeer ook eens deze heerlijke Tom Ka Kai soep    Variëren op pad thai Ik maak pad thai niet altijd hetzelfde. Hier zijn een paar manieren waarop ik het soms aanpas, afhankelijk van wat ik in huis heb of zin in heb: Met garnalen in plaats van kip: Vervang de kipfilet door rauwe garnalen. Die zijn veel sneller gaar, dus voeg ze pas aan het einde toe als de noedels bijna klaar zijn. Maak je pad thai vegan: Gebruik stevige tofu in plaats van kip. Snijd hem in blokjes en bak hem eerst apart aan totdat hij licht goudbruin is. Zo valt hij niet uit elkaar in de saus. En vervang de vissaus door sojasaus. Met extra groente: bijvoorbeeld paprika of shiitake. Snijd ze klein zodat ze snel meebakken. Zonder tamarinde: Toen ik geen tamarinde pasta in huis had, verving ik het door een 1 extra eetlepel limoensap en 1 theelepel extra bruine suiker. Lekker met: ik maak altijd een klein bordje komkommersalade erbij. De frisheid van komkommer past goed bij de smaken van de saus. Als snack zijn loempia’s ook lekker om erbij of vooraf te serveren.

Bekijk blog